vrijdag 12 juni 2015

chapeau

Wat hebben limburgers toch een volksmentaliteit met communiceren. Als het hun taaltje niet is voelen ze zich al minderwaardig of superieur al gelang naar hun achterlijke waan. En altijd moet alles indirect, zelfs indirect. Wonen, werken en studeren en uitgaan, het maakt niet uit, niets wordt je rechtstreeks medegedeeld of bij pech via een omweg. Psychiatrische kliniek, de gevangenis of dakloos, nergens hebben ze het direct als je limburgs kent, behalve bedriegen met communiceren dat doen ze direct. Dit heet dan bourgoundisch en joie de vivre, en dan heb ik het nog niet eens over de bon vivant, die prettrol met carnaval.
En iedere hollandse toerist misbruiken voor een doel, want het streven is een officiele limburgse schrijftaal bedacht door arrogante idioten die geen stipheid kennen.
Dat is dan limburgs trots: een stelletje bekrompen chauvinistische rottrollen die 'zeen' en 'schele kal' in een 'gezellig' klubverband uiten. Je mag ze niet niet leuk vinden, en daarom dus inderdaad niet leuk zijn. Een bende corrupte bandkeramiekers die geen enkele betrokkenheid tonen bij het groot dietse rijk dat reikte van nova zembla tot kaapstad en van indonesie tot suriname, zoals de VOC het voor ogen stond.
Ze hadden ze bij de sluiting van de mijnen erin moeten laten zitten en verzuipen laten, omdat ze nederlanders toen ook alleen maar slapeloze nachten bezorgden en op hete kolen lieten zitten.

meer dan 60 jaar geleden
uit het museum van de geschiedenis van de betaalmuur